Kleine Beweging Van De Week #007

Onderzoek één logisch geworden reactie

Wanneer gedrag ons belemmert, willen we het meestal zo snel mogelijk veranderen.

Een leidinggevende neemt tijdens een vergadering opnieuw het gesprek over. Een medewerker spreekt zich niet uit. Iemand blijft verantwoordelijkheden dragen die eigenlijk te zwaar zijn. Een collega reageert defensief op feedback of trekt zich terug zodra er spanning ontstaat.

We herkennen het patroon en denken al snel te weten wat er nodig is.

De leidinggevende moet meer ruimte geven. De medewerker moet zich uitspreken. De collega moet beter luisteren en degene die te veel draagt, moet duidelijker grenzen stellen.

Misschien klopt dat allemaal. Toch slaan we met die conclusie gemakkelijk een belangrijke vraag over:

Welke werkelijkheid maakt dit gedrag voor deze persoon op dit moment logisch?

De kleine beweging van deze week is daarom niet bedoeld om gedrag onmiddellijk te veranderen. De beweging is om het eerst te begrijpen.

Kies één concreet moment

Begin niet met een groot organisatievraagstuk of een algemeen oordeel over de cultuur.

Kies één concreet moment. Bijvoorbeeld een vergadering waarin iemand plotseling de controle overnam. Een gesprek waarin je zelf ja zei terwijl je nee voelde. Een situatie waarin een collega stilviel of waarin een team opnieuw wachtte tot de leidinggevende een beslissing nam.

Kies bij voorkeur een moment dat nog vers in je geheugen ligt.

Beschrijf vervolgens zo feitelijk mogelijk wat er gebeurde. Wie zei wat? Welke reactie volgde? Wanneer veranderde de sfeer? Wat werd zichtbaar? En wat gebeurde er juist niet?

Probeer woorden als moeilijk, ongemotiveerd, dominant, onzeker of onveilig nog even uit te stellen. Dat zijn al interpretaties. Blijf eerst bij wat je werkelijk kon waarnemen.

Stel het oordeel even uit

Gedrag krijgt snel een etiket.

Iemand die veel vragen stelt, wordt controlerend genoemd. Iemand die stil blijft, lijkt ongeïnteresseerd. Een medewerker die geen verantwoordelijkheid neemt, wordt passief gevonden. Een leider die aarzelt, wordt besluiteloos genoemd.

Zulke woorden kunnen iets herkenbaars benoemen, maar ze sluiten het onderzoek ook gemakkelijk af. Zodra we denken te weten wat iemand is, worden we minder nieuwsgierig naar wat iemand ervaart.

Probeer daarom het gedrag deze week niet onmiddellijk te corrigeren of beoordelen.

Zeg niet direct: Dit moet anders.

Vraag eerst: Wat zou iemand moeten ervaren om deze reactie begrijpelijk te maken?

Dat betekent niet dat ieder gedrag wenselijk of acceptabel is. Begrijpen is iets anders dan goedkeuren. Het betekent dat je onderzoekt waaruit het gedrag ontstaat voordat je probeert het te veranderen.

Vraag één: welke werkelijkheid maakt deze reactie logisch?

Mensen reageren niet rechtstreeks op objectieve feiten. Zij reageren op de werkelijkheid zoals die zich aan hen voordoet.

Een leidinggevende die een gesprek overneemt, kan een risico ervaren dat volgens hem/haar onvoldoende wordt gezien. Een medewerker die zwijgt, kan hebben geleerd dat twijfel delen vooral extra vragen of kritiek oplevert. Iemand die steeds opnieuw verantwoordelijkheid naar zich toe trekt, kan geloven dat anderen anders met de gevolgen blijven zitten.

Probeer de situatie tijdelijk vanuit die beleefde werkelijkheid te bekijken. Wat lijkt er voor deze persoon op het spel te staan? Wat probeert iemand mogelijk te voorkomen, beschermen of behouden? Welke eerdere ervaringen kunnen meewegen? Welke verantwoordelijkheden voelt iemand? Welke reactie lijkt vanuit die werkelijkheid veilig, verstandig of noodzakelijk?

Misschien ontdek je dat het gedrag dat aan de buitenkant onlogisch of frustrerend lijkt, van binnenuit een begrijpelijke poging is om met de situatie om te gaan.

Vraag twee: wat draagt het lichaam al voordat er woorden zijn?

Let vervolgens op de lichamelijke werkelijkheid.

Wat gebeurde er met de ademhaling, houding, stem of aandacht? Was er spanning, onrust, vermoeidheid of juist verstarring? Werd het tempo hoger? Trok iemand zich lichamelijk terug of kwam iemand nadrukkelijker naar voren?

Het lichaam reageert vaak voordat we bewust begrijpen wat er gebeurt.

Onder druk kan de aandacht vernauwen. We worden gevoeliger voor risico’s en minder ontvankelijk voor andere perspectieven. Een vraag kan daardoor sneller als kritiek klinken. Een stilte kan als weerstand worden geïnterpreteerd en vertragen kan onverantwoord voelen.

Onderzoek dit niet alleen bij de ander. Wat gebeurde er in jouw eigen lichaam?

Misschien voelde je irritatie, ongeduld of de neiging om het gesprek te redden. Misschien merkte je dat je kleiner werd, je adem inhield of alvast nadacht over hoe je jezelf kon verdedigen. Ook jouw lichamelijke reactie neemt deel aan wat er tussen jullie ontstaat.

Vraag drie: wat leren onze reacties de ander?

Gedrag ontstaat nooit volledig los van de omgeving.

Wanneer iemand aarzelt en een ander onmiddellijk het antwoord geeft, leert de eerste persoon iets over hoeveel ruimte er werkelijk is om te zoeken.

Wanneer een medewerker een fout meldt en de leidinggevende direct extra controles invoert, leert het team iets over de mogelijke gevolgen van openheid.

Wanneer iemand stilvalt en de rest snel doorgaat naar het volgende onderwerp, ontstaat informatie over hoeveel ruimte twijfel of ongemak krijgt.

Vraag daarom niet alleen waarom de ander zo reageerde. Onderzoek ook wat jouw reactie en de reactie van het systeem voor de ander logisch hebben gemaakt. Wat hebben wij met elkaar bevestigd? Welke Posities riepen we bij elkaar op? Wat leerde dit moment ons over wat hier veilig, wenselijk of mogelijk is?

Daar wordt zichtbaar hoe een organiserende werkelijkheid ontstaat. Niet door één groot besluit, maar door kleine ontmoetingen die zich blijven herhalen.

Kies de kleinst mogelijke andere beweging

Nadat je de situatie hebt onderzocht, hoef je niet meteen een groot veranderplan te maken. Kies één kleine beweging die in een vergelijkbaar moment een andere ervaring mogelijk kan maken.

Dat kan betekenen dat je één vraag stelt voordat je een oplossing aandraagt. Dat je na een stilte niet onmiddellijk verdergaat. Dat je benoemt wat er in de ruimte lijkt te veranderen. Dat je verantwoordelijkheid bij de ander laat en tegelijk beschikbaar blijft. Of dat je erkent dat je de neiging voelt om controle over te nemen, zonder daar direct naar te handelen.

De beweging hoeft niet spectaculair te zijn. Het doel is niet om onmiddellijk het perfecte gedrag te laten zien. Het doel is om iets te veranderen in de ontmoeting, zodat een andere Positie mogelijk wordt.

Probeer het deze week

Kijk deze week één keer met aandacht naar gedrag dat je normaal gesproken direct zou willen corrigeren.

Vertraag.

Beschrijf wat je werkelijk ziet.

Onderzoek welke werkelijkheid de reactie logisch maakt.

Merk op wat het lichaam al draagt.

En kijk eerlijk naar wat jullie reacties elkaar leren over wat veilig en mogelijk is.

Kies vervolgens één andere kleine beweging.

Misschien verandert daarmee niet meteen het hele patroon. Maar er kan wel iets nieuws ontstaan: een ervaring die niet opnieuw bevestigt wat iedereen al dacht te weten.

Duurzame verandering begint soms precies daar. Niet bij harder proberen om ander gedrag te laten zien, maar bij het samen organiseren van een werkelijkheid waarin ander gedrag logisch kan worden.

***

Volgende
Volgende

Voor Leiders #007