De Human Shift Quote #012
“We willen vaak dat de ander verandert. Totdat zijn verandering ook iets van ons vraagt.”
Als de ander werkelijk verandert
We moedigen verandering graag aan. Een leidinggevende wil dat een medewerker meer eigenaarschap neemt. Een partner zegt dat de ander beter zijn grenzen moet aangeven. Een team spreekt af eerlijker te zijn. Een ouder hoopt dat een kind zelfstandiger wordt. Meestal bedoelen we dat oprecht. We zien iets waarvan we denken dat het de ander zou helpen en gunnen hem of haar de ruimte om daarin te bewegen.
Totdat die verandering werkelijk plaatsvindt.
De medewerker neemt een besluit zonder eerst toestemming te vragen. De partner zegt nee tegen iets waarop jarenlang vanzelfsprekend ja werd gezegd. Een collega benoemt tijdens een overleg wat anderen liever onbesproken hadden gelaten. Het kind kiest een richting die de ouder zelf nooit zou hebben gekozen.
Dan gebeurt er iets interessants. De verandering waar we om vroegen, blijkt niet alleen iets te veranderen voor de ander. Zij verandert ook iets voor ons.
Neem meer eigenaarschap
Stel dat je als leidinggevende al maanden tegen een medewerker zegt: “Je hoeft echt niet alles met mij af te stemmen. Ik wil dat je meer eigenaarschap neemt.”
Op een dag doet hij precies dat. Er ontstaat een probleem bij een belangrijke klant. Hij bekijkt de situatie, overlegt met een collega en neemt een besluit. Een verdedigbaar besluit, maar niet het besluit dat jij zelf zou hebben genomen.
Wanneer je er later van hoort, voel je misschien al iets voordat je erover hebt nagedacht. Onrust. De behoefte om precies te begrijpen wat er is gebeurd. Misschien ook de neiging om alsnog invloed uit te oefenen op een situatie die inmiddels voorbij is. En dan hoor je jezelf zeggen: “Waarom heb je mij hier niet even in meegenomen?”
Op zichzelf is dat een begrijpelijke vraag. Toch is er ondertussen iets zichtbaar geworden. Zolang eigenaarschap betekende dat de medewerker zelfstandiger handelde op een manier die jij zelf ook zou hebben gekozen, was eigenaarschap relatief gemakkelijk. Pas wanneer hij werkelijk gebruikmaakt van de ruimte die je hem hebt gegeven en daarin tot een andere keuze komt, krijgt het woord consequenties. Want werkelijk eigenaarschap betekent óók dat iemand soms iets anders doet dan jij zou hebben gedaan.
We willen niet alleen iets erbij
Misschien zit daar iets wat we bij verandering gemakkelijk missen. Wanneer iemand verandert, komt er niet alleen iets nieuws bij. Er kan ook iets verdwijnen waarop anderen ongemerkt waren gaan rekenen.
Wanneer iemand beter zijn grenzen gaat bewaken, verdwijnt misschien een deel van zijn vanzelfsprekende beschikbaarheid. Wanneer een collega niet langer ieder probleem opvangt, blijft er ineens iets liggen. Wanneer een team werkelijk verantwoordelijkheid neemt, heeft een leidinggevende minder zicht op iedere beslissing. En wanneer iemand eerlijker wordt, verdwijnen misschien ook de prettige stiltes waarin bepaalde onderwerpen jarenlang konden blijven liggen.
Dat maakt onze wens dat de ander zou veranderen niet onecht. Het maakt haar wel minder vrijblijvend. We willen misschien graag de winst van de verandering. De vraag is of we ook bereid zijn haar consequenties te ontmoeten.
Ook in herstel
Bij herstel wordt dat misschien nog duidelijker. We zeggen tegen iemand die langere tijd is uitgevallen: “Neem de tijd. Luister beter naar jezelf. Je gezondheid gaat voor. Je moet echt beter je grenzen bewaken.” Het zijn woorden die meestal voortkomen uit oprechte betrokkenheid. We hopen dat iemand niet simpelweg terugkeert naar hoe het daarvoor was, maar iets heeft geleerd van wat er is gebeurd.
En dan komt iemand terug. Alleen misschien niet precies zoals hij vertrok.
Hij wil niet meer iedere avond bereikbaar zijn. Zij neemt het werk van een collega niet meer automatisch over. Hij stelt vragen bij een verantwoordelijkheid die hij jarenlang zonder discussie heeft gedragen. Zij zegt eerder dat iets niet gaat.
Dat is precies de verandering die we haar tijdens het herstel misschien hebben toegewenst. Toch kan de omgeving op dat moment ontdekken dat herstel ook iets van háár vraagt. Want als iemand niet langer doet wat hem mede heeft uitgeput, wie of wat vangt dat dan op?
Daarmee wordt herstel ineens ook een vraag voor de werkelijkheid waarin iemand terugkeert. Niet omdat die werkelijkheid per definitie verkeerd is, maar omdat de verandering van één persoon zichtbaar kan maken hoeveel er rondom zijn eerdere manier van functioneren was georganiseerd.
De verandering van de ander komt dichtbij
Misschien verklaart dat waarom verandering soms zo gemakkelijk klinkt zolang zij nog toekomstmuziek is. Meer autonomie. Meer openheid. Meer eigenaarschap. Betere grenzen. Meer tegenspraak. Het zijn aantrekkelijke woorden, zeker wanneer we ze opschrijven in een ontwikkelplan, leiderschapsvisie of terugkeerplan.
Maar autonomie krijgt een andere betekenis wanneer jij niet meer beslist. Openheid wordt concreet wanneer jij iets hoort wat je liever niet hoort. Een grens wordt voelbaar wanneer jij daardoor iets niet meer kunt vragen. En tegenspraak krijgt gewicht wanneer jouw overtuiging niet langer vanzelfsprekend leidend blijft.
Dan ontdekken we hoeveel ruimte we werkelijk voor verandering hebben. Niet in onze woorden, maar in wat er gebeurt wanneer de ander van die ruimte gebruikmaakt.
Misschien is dit de interessantere vraag
We kijken bij verandering vaak naar degene die moet bewegen. Durft zij haar grens aan te geven? Kan hij verantwoordelijkheid nemen? Kan deze leider loslaten? Durft die medewerker zich uit te spreken? Het zijn allemaal relevante vragen, maar misschien hoort er nog één naast: wat gebeurt er met mij wanneer die ander werkelijk doet wat ik van hem heb gevraagd?
Misschien verlies ik iets van mijn controle. Misschien moet ik een verantwoordelijkheid terugnemen die iemand jarenlang voor mij droeg. Misschien ontstaat er ongemak of verandert onze verhouding. Of misschien ontdek ik dat ik verandering vooral prettig vond zolang ik zelf ongeveer dezelfde plek kon blijven innemen.
Daar hoeven we onszelf niet onmiddellijk op te corrigeren. Het is interessanter om het eerst op te merken. Want misschien begint daar een andere manier van kijken naar verandering. Niet alleen bij de vraag of jij bereid bent om te veranderen, maar ook bij de vraag:
Ben ik bereid te ontmoeten wat jouw verandering bij mij in beweging brengt?
***