Onder De Oppervlakte #011
Het patroon was niet weg
Tijdens de vakantie leek er iets veranderd te zijn. Je voelde meer ruimte. Reageerde minder gehaast. Kon gemakkelijker loslaten. Je hoefde niet overal onmiddellijk iets mee te doen.
Misschien dacht je zelfs: Eindelijk ben ik weer mezelf.
En toen begon het werk opnieuw.
Binnen enkele dagen hoorde je de haast terug in je stem. Je neemt toch weer verantwoordelijkheid over. Zei ja terwijl je nee bedoelde. Je bleef langer doorwerken dan je van plan was.
Het oude leek terug.
Maar misschien is dat niet helemaal wat er gebeurde.
Misschien was het nooit werkelijk weg.
Afwezig is niet hetzelfde als veranderd
Wanneer een patroon tijdens een vakantie niet zichtbaar wordt, kunnen we gemakkelijk denken dat het verdwenen is. Maar misschien waren vooral de omstandigheden waarin het patroon gewoonlijk ontstaat tijdelijk afwezig.
Er was geen vergadering waarin de spanning opliep. Geen collega die naar jou keek toen een probleem ontstond. Geen volle inbox. Geen naderende deadline. Niemand die onmiddellijk een antwoord van je verwachtte.
Daardoor hoefde je ook niet op dezelfde manier te reageren.
Dat onderscheid is belangrijk.
Wat tijdens rust verdwijnt, is niet altijd veranderd.
Soms wordt het alleen even niet opgeroepen.
Dat betekent niet dat je rustige vakantie zelf minder werkelijk was.
Integendeel.
Zowel de ontspannen versie van jezelf tijdens de vakantie als degene die onder druk weer gaat haasten, controleren of zorgen, kunnen werkelijk zijn.
Ze ontstaan alleen onder verschillende omstandigheden.
Maar een context drukt niet simpelweg op een knop
We zouden het nu eenvoudig kunnen maken.
De vakantiecontext roept rust op. De werkcontext activeert het oude patroon.
Maar zo mechanisch werkt een mens niet.
Een deadline maakt je niet gespannen. Een kritische vraag maakt je niet onzeker. Een collega die aarzelt dwingt je niet om verantwoordelijkheid over te nemen.
Dezelfde situatie kan voor verschillende mensen iets totaal anders betekenen.
En zelfs voor dezelfde persoon kan zij op verschillende momenten anders verschijnen.
Daarom kijken we binnen Human Shift niet alleen naar wat er gebeurt.
We onderzoeken van waaruit datgene wat gebeurt aan iemand verschijnt.
Daar komt Positie in beeld.
Positie is meer dan een gedachte of reactie
Met Positie bedoelen we de organiserende samenhang van waaruit een mens zichzelf, de ander en de werkelijkheid beleeft.
Die Positie bevindt zich niet op één plek. Niet alleen in je hoofd. Niet alleen in je lichaam. Niet alleen in je verleden. En ook niet uitsluitend in de omgeving.
Zij organiseert zich in de voortdurende wisselwerking tussen biologische, psychologische, relationele en existentiële processen, binnen en in voortdurende wisselwerking met de context waarin een mens leeft.
Dat klinkt misschien abstract. Totdat we vertragen wat er op één gewoon werkmoment gebeurt.
Stel dat een belangrijk project achterloopt. Je ziet de deadline dichterbij komen. Je lichaam reageert. Je ademhaling wordt hoger. Er ontstaat spanning. Je aandacht vernauwt. Een collega zegt dat hij nog niet weet hoe hij verder moet. Je ziet zijn aarzeling.
Tegelijkertijd verschijnt misschien een vertrouwde gedachte: Als ik nu niet ingrijp, gaat dit mis.
Eerdere ervaringen doen mee. Misschien heb je geleerd dat fouten uiteindelijk bij jou terechtkomen. Misschien ken je jezelf als degene die verantwoordelijkheid neemt wanneer anderen dat niet doen.
Ook de relatie doet mee. De collega kijkt naar jou.
De tijdsdruk doet mee. De verwachtingen van de organisatie doen mee.
En misschien doet zelfs een diepere overtuiging over wie jij als professional of leider hoort te zijn mee.
Binnen die samenhang verschijnt ingrijpen ineens niet als één mogelijke keuze. Het voelt als de verantwoordelijkheid die je moet dragen.
Je neemt over. Niet omdat een deadline rechtstreeks jouw gedrag bepaalde. Maar omdat binnen die situatie een Positie werd georganiseerd van waaruit overnemen logisch werd.
En dan gebeurt er iets tussen mensen
Daar wordt het nog interessanter.
Want jouw reactie eindigt niet bij jou.
Zij verandert ook de situatie voor de ander.
Stel dat je je tijdens de vakantie had voorgenomen om je team meer ruimte te geven. Tijdens het eerste overleg lukt dat. Je stelt vragen. Luistert. Geeft niet onmiddellijk de oplossing.
Dan ontstaat onzekerheid over een belangrijk project. Het team kijkt naar jou. Je wacht. De stilte duurt langer dan prettig voelt. Je ervaart het afwachten misschien als een teken dat niemand verantwoordelijkheid neemt. Dus grijp je alsnog in.
Voor jou bevestigt dat moment: Zie je wel. Als ik het niet doe, gebeurt er niets.
Maar het team doet óók een ervaring op. Zodra het echt spannend wordt, neemt de leidinggevende het uiteindelijk toch over.
Bij het volgende probleem wachten medewerkers daarom misschien iets langer. Ze brengen een idee pas wanneer het volledig is uitgewerkt. Of leggen de vraag eerder bij jou neer.
Jij ziet hun terughoudendheid en ervaart opnieuw: Ze nemen onvoldoende eigenaarschap.
Dus ga je nog iets steviger sturen. En daarmee krijgt het team nog minder ruimte om zelf verantwoordelijkheid te ervaren.
Het patroon zit niet in één persoon
Dit is een belangrijk verschil.
We kunnen zeggen: De leider moet leren loslaten.
Of: Het team moet meer eigenaarschap tonen.
Beide kunnen waar zijn. Maar beide kunnen ook te klein zijn.
Want wat als het patroon juist ontstaat tussen de leider en het team?
De leider neemt over omdat het team afwacht. Het team wacht af omdat de leider uiteindelijk overneemt.
Iedere reactie maakt de volgende reactie van de ander begrijpelijker.
Niemand hoeft het patroon bewust te hebben gekozen.
Toch organiseren mensen samen een werkelijkheid waarin hetzelfde gedrag steeds waarschijnlijker wordt.
En ook die wisselwerking vindt niet in een vacuüm plaats. Een harde deadline doet mee. Een bestuur dat zekerheid verlangt, doet mee. Eerdere fouten kunnen meedoen. De formele verantwoordelijkheid van de leider doet mee. De geschiedenis van het team doet mee.
Daarom zoeken we binnen Human Shift niet te snel naar de oorzaak van een patroon.
We onderzoeken de samenhang waarin het patroon steeds opnieuw logisch wordt.
Daarom is inzicht alleen niet genoeg
Op vakantie kun je glashelder zien wat je anders wilt doen. Ik ga niet meer overal verantwoordelijk voor zijn. Ik wil meer ruimte geven. Ik ga mijn grens eerder aangeven.
Dat inzicht is waardevol. Maar weten wat wenselijk is, betekent nog niet dat het nieuwe onder druk werkelijk beschikbaar voelt. Want wanneer de vertrouwde situatie terugkeert, kan ook de vertrouwde betekenis terugkeren.
Een volle inbox is dan niet alleen een verzameling berichten. Zij kan verschijnen als bewijs dat je achterloopt.
Een kritische vraag is niet alleen een andere mening. Zij kan voelen als twijfel aan jouw deskundigheid.
Een verzoek is niet uitsluitend een verzoek. Het kan verschijnen als een test van jouw betrokkenheid.
En stilte in een teamoverleg is niet alleen stilte. Zij kan voelen als bewijs dat jij moet ingrijpen.
Zolang de werkelijkheid op het beslissende moment hetzelfde aan ons verschijnt, blijft het oude antwoord begrijpelijk.
Daarom kan een patroon niet altijd worden veranderd door er alleen anders over te denken.
Een patroon moet iets nieuws meemaken
Duurzame verandering vraagt daarom niet alleen om inzicht buiten de situatie waarin het patroon ontstaat.
Er moeten ook nieuwe ervaringen binnen die situatie mogelijk worden.
De leidinggevende laat de stilte een paar seconden langer bestaan — en ontdekt dat iemand uit het team uiteindelijk zelf met een voorstel komt. Een medewerker geeft een grens aan — en ervaart dat de relatie niet breekt. Iemand zegt voor het eerst ik weet het niet — en ontdekt dat zijn deskundigheid daardoor niet verdwijnt. Een team spreekt een verschil uit — en merkt dat spanning niet automatisch tot conflict leidt.
Een organisatie zegt niet alleen dat bereikbaarheid begrensd mag worden, maar stopt daadwerkelijk met het belonen van mensen die voortdurend beschikbaar zijn.
Op zulke momenten gebeurt meer dan alleen ‘ander gedrag’.
Er ontstaat nieuwe ervaringsinformatie.
Wat eerder riskant voelde, blijkt misschien te verdragen. Wat onmogelijk leek, blijkt mogelijk. Wat onmiddellijk moest worden opgelost, kan even blijven bestaan. En wat automatisch gebeurde, kan langzaam het onderwerp van keuze worden.
Dat is waarom terugkeer zo interessant is
Misschien is de eerste werkweek na een vakantie daarom niet alleen het moment waarop je rust dreigt kwijt te raken.
Het is ook een bijzonder moment om te kijken.
Want juist doordat je even afstand hebt ervaren, valt beter op wat onmiddellijk terugkeert.
Wanneer gaat je adem weer omhoog? Bij wie merk je dat je onmiddellijk begint te zorgen? In welke vergadering wordt controle ineens aantrekkelijk? Welke vraag voelt niet als een vraag, maar als een opdracht?Waar verschijnt een grens opnieuw als iets wat je eigenlijk niet mag hebben?
Niet om jezelf daarop te betrappen. Maar om te onderzoeken: Wat gebeurt hier waardoor mijn oude reactie opnieuw zo begrijpelijk wordt?
Daar ligt informatie die tijdens de vakantie misschien niet beschikbaar was.
Het oude patroon is geen bewijs dat er niets veranderd is
Dat vind ik misschien wel het belangrijkste.
Wanneer het oude na een vakantie terugkeert, kunnen we denken: Zie je wel. Ik ben weer terug bij af. Maar het opnieuw verschijnen van een patroon kan juist zichtbaar maken waar de volgende beweging ligt.
Misschien hoef je niet nóg beter te begrijpen wat je anders zou willen. Misschien moet er iets nieuws kunnen gebeuren op precies het moment waarop het oude opnieuw logisch wordt.
In jou. Tussen jou en een ander. In de manier waarop verantwoordelijkheid wordt verdeeld. In leiderschap. Of in de context waarin jullie samen functioneren.
Soms is één beweging voldoende. Vaak zijn meerdere bewegingen nodig.
Want duurzame verandering betekent niet dat we ervoor zorgen dat het oude nooit meer wordt opgeroepen.
Duurzame verandering ontstaat wanneer binnen de werkelijkheid waarin het oude vanzelfsprekend werd, iets anders werkelijk mogelijk begint te worden.
De vakantie maakte het patroon misschien even stil.
De terugkeer maakt zichtbaar waar het leeft.
En juist daar kan de werkelijke verschuiving beginnen.
***